La casa de conchita

Een blog over Mexico, opgroeiende zonen en la vida loca

Het Heilige Schriftje

Zodra de dagen herfstig werden, was de jacht geopend. Mijn buit kon zich overal in de stad verschuilen. Boekenwinkels, papierwarenhandels, hippe interieurwinkeltjes, zelfs de modale supermarkt, … elke potentiële plek moest ik zorgvuldig screenen.
De tijd was weer aangebroken voor de zoektocht naar een nieuwe agenda. Wat zeg ik, de perfecte agenda!

Wat niet gemakkelijk is voor een perfectionist…  De cover, dat moet liefde op het eerste gezicht zijn. Enkel een originele, kleurrijke tekening kan me bekoren.
Maar het is niet alleen de look die telt,  ook de inhoud is belangrijk. Binnenin wil ik per  datum niet van die belachelijk kleine vakjes. Een exemplaar met een weekoverzicht  of extra blanco pagina’s is sowieso een kanshebber.

Mijn eerste goede voornemen van het jaar is telkens het adequaat opvolgen van dat nieuwe jaar in de spiksplinternieuwe agenda. Het is het eerste van de voornemens dat  elk jaar opnieuw  sneuvelt. Want eigenlijk hou ik helemaal niet van agenda’s…  Na mijn Mexicaanse avonturen bande ik horloge en andere tijdvreters immers uit mijn leven. Nochtans ben ik iemand die graag dingen plant en altijd in is voor feestjes en uitstapjes maar tegelijkertijd  heb ik er een hekel aan als mijn hele week of maand ‘dichtgeplamuurd’ raakt.
Jaar na jaar kocht ik dus een hippe agenda die ik elke maand minder gebruikte. Anno 2013 gooide ik het roer om. Exit papieren en Google-agenda, enkel nog een gezinsagenda aan de muur.  En toen deed Het Heilige Schriftje zijn intrede. Een mooi schriftje dat dienst zou doen als agenda en als verzamelpunt om alles wat me bezighoudt bij te houden. Dat ging niet helemaal goed, vooral omdat ik gemiddeld om de 3 weken in een ander schriftje begon. Voor schriftjes is er namelijk geen seizoen, die koop ik bij wijze van spreken aan de lopende band.

Dus anno 2014 wordt het eerste goede voornemen om het bij 1 schriftje te houden.  Dat betekent uiteraard niet dat er de rest van het jaar geen schriftjes meer gekocht mogen worden, dat zou er ver over zijn! Het Uitverkoren Exemplaar vond ik toevallig in de Wereldwinkel: een dik schrift met brede ringen, lijntjespapier (uiteraard, ruitjespapier en schrijven gaan niet samen) en een vrolijke cover met bloemen.

Het Nieuwe Jaar staat al bijna voor de deur, het Schriftje moet dus dra in gebruik genomen worden. De agenda staat al ingevuld, voor de rest draai ik er nog cirkels rond want schrijven – en onvermijdelijk kribbelen en schrappen – in een mooi schriftje, daar hoor je toch de nodige schroom voor te overwinnen. En de kans dat het weer zo’n halfslachtig ‘dat-schrijf-ik-straks-wel-even-op’-schriftje wordt ‘is reëel.
Maar het mooiste aan mijn schriftje is dat ik heel zeker weet dat zijn tweelingbroer wél ijverig ter hand zal genomen worden. Want dankzij het ‘Buy 1, Give 1,-principe krijgt voor elk aangekocht exemplaar  ergens ter wereld een kind zijn eigen schoolschrift.

 

http://www.ecojot.com

Twee wankele tandjes

Toen het bijna zover was, vreesde ik een gigantische crisis. Hij niet, hij keek er al eeuwen naar uit en plande wekenlang festiviteiten. Zijn verjaardag moest op passende wijze worden gevierd: met de naaste huisgenoten, met de familie rond de taart, met de vriendjes in de klas plus ook nog eens in de binnenspeeltuin en als top of the bill met de familie naar zijn favoriete Italiaanse restaurant. Siemon kon niet wachten om groot te zijn. Zes!

Op een avond komt hij met de mededeling dat er een tand losstaat. En ja, even later valt hij uit. Fier! Maar als de volgende avond het scenario zich herhaalt, is hij in paniek. Zó snel moet het nu ook weer niet gaan, straks heeft hij geen tanden meer! Hoe dan ook valt af te wachten of het ritueel van Tandenfee de hele gebitswissel zal overleven.

Ik ben blij voor hem dat hij groot wordt maar een beetje verdrietig voor mezelf. Met mijn laatste zoon die de kleutertijd afrondt, wordt onherroepelijk een hoofdstuk afgesloten. Plastic borden en bekers verdwijnen, duplo’s komen enkel nog tevoorschijn als er kleintjes op bezoek komen, Angry Birds verjagen Mickey Mouse en Sponge Bob, kleren moeten stoerder. Er is geen ‘volgende’ meer in huis om spullen voor te bewaren.

Vlak na zijn verjaardag ziet hij er in zijn koetjespyama en Cars-pantoffels nog supersnoezig uit. Maar tijdens de zomervakantie kan ik het niet langer negeren. Het gevreesde moment dat buik, handjes en billen hun kleutermolligheid verliezen, is definitief aangebroken. Vanaf dan lijkt het altijd of een jongenslijf transformeert in enkel een hoop slungelige armen en benen. Maar desondanks blijft hij, net als zijn broers, een even grote knuffelaar.
En wat me ook geruststelt: hij is nog altijd bang van spoken en dat gaat enkel over in het grote bed, tussen papa en mama…

Koppige kat

Ik heb geen dochter, enkel een man en 3 zonen. Het enige andere vrouwelijke wezen in huis is Frida, onze kattin.  Maar qua kuren en eigenwijsheid moet ze wellicht niet onderdoen voor een doorsnee tienerdochter.
Vanavond is Frida niet op haar gebruikelijke uur thuis. “Waar zit ze?”, vraag ik me af. “ En vooral, met wie hangt ze uit?”
Zodra we er een weekendje op uit trekken en de zonen bij opa en oma droppen, begint Frida te mokken. De laatste keer dat we vertrokken, zat ze zelfs parmantig in de valies, helemaal klaar voor een tripje naar Rijsel. We konden we haar nog net op tijd van tussen de sokken plukken.

Als we terugkeren, is ze steevast verdwenen. En blijft ze een aantal dagen weg. Haar broer Diego loopt jankend en zoekend in huis rond . Wij zijn ongerust, de kinderen ongelukkig. Zodra ze weer een poot in huis zet, ben ik vast van plan om haar streng toe te spreken over haar eigenzinnige gedrag. Maar als ze uiteindelijk met veel misbaar thuiskomt, slaat alles om. Ze krijgt het beste vlees voorgeschotel en wordt bedolven onder de aandacht met liefkozingen, ‘streeltjes’  en ‘ik heb je zo gemist’s’. ‘s Avonds vind ik haar opgekruld slapend in de armen van haar favoriete huisgenoot, zoon 2.
Opvoedkundig dus compleet fout, ‘stout’ gedrag moet je negeren of bestraffen. Positief belonen bevestigt het gedrag dus bij onze toekomstige uitstapjes zal ze nog langer wegblijven om óns te straffen.

Van haar broer krijgt ze een paar welgemeende jaloerse tikken omdat ze bij andere katers heeft gezeten. We laten de natuur haar gang gaan, maar niet met Diego. Hij is gecastreerd want broer en zus, neen, dat kunnen we niet toelaten.  Maar Frida is gewoon te knap om zich niet te laten voortplanten. Stel je een lapjeskat voor maar dan in half-langharige vorm met beige, zwarte en rosse tinten, en met een pluimstaart een vos waardig.
Maar veel gebeurt er niet. Vreemd, volgens mij is ze nochtans de enige kattin in het hele huizenblok. En plots valt me iets te binnen. Ik bekijk Frida eens nauwkeurig. Een half-langharige kat die met een winterpels ongeveer qua omvang verdubbelt, kan veel verdoezelen.

“Is je niets opgevallen aan Frida?, vraag ik aan Dirk. Hij glimlacht. “Ja, ze waggelt”.
Ik zet een doos met een zacht dekentje op een van haar favoriete plekken. Terwijl ik wel weet dat ze overal behalve daar zal bevallen.

Van het nest zullen we het koppigste katje houden.

Money is magic – De levenskunst van Richard Lee

Juli 2000

De chauffeur voor onze volgende busrit ziet eruit zoals een Mexicaanse chauffeur er moet uitzien: gezet en boven de veertig, niet zo’n jong machokereltje als gisteren dat als een gek door de bochten scheurt. Het wordt dus een rustige en adembenemende rit terwijl de bus kronkelend de bergen inklimt om dan weer af te dalen naar het schitterende koloniale stadje San Cristóbal de las Casas, op 2100 meter hoogte te midden van de Vallei van Jofel.

Hier willen we na maandenlang rondreizen door Mexico enkele weken tot rust komen. Maar ik ben hier vooral om een cursus papierscheppen te volgen. Stiekem hoop ik les te krijgen van een knappe, jonge Mexicaan, maar men haalt me bij mijn inschrijving al gauw uit de droom. Morgen zal Richard mijn leermeester zijn, een Amerikaan. Hmm, bij een Amerikaanse Richard stel ik me onwillekeurig een ‘fitness shaped’ jongeling voor, maar bij het begin van de les blijkt dat ik me te veel heb laten beïnvloeden door de verhalen van mijn gringa-vriendin Helga. Richards halflange witte haren en diepe rimpels laten een leeftijd ruim boven de zestig vermoeden. Maar ik beklaag me niet, hij is een echte papierkunstenaar met een onschatbare kennis. Ik voel me een echte leerling-tovenaar als ik mijn eerste blaadje papier schep. Ik amuseer me geweldig en de tijd vliegt voorbij. Als ik thuiskom, heeft James (*) zich ingeschreven voor een Spaanse cursus bij ene Yasmina. Hij hoopt les te krijgen van een slanke, jonge deerne maar ook hij wordt snel ontnuchterd: Yasmina is een dikke Mexicaanse die bovendien veel huiswerk geeft, haha.

De volgende dag leer ik nog meer over het maken van papier en het kleuren ervan. Als James me na de les komt afhalen, maakt hij ook kennis met Richard en hij nodigt ons bij hem thuis uit. Richard huurt een prachtig huis in San Cristóbal de las Casas en hij heeft niet overdreven, zijn woonst is inderdaad een schitterende koloniale woning. We zijn direct verloren, dit is een echt droomhuis. De kleuren zijn fabuleus, de inrichting origineel, elke kamer zit vol prachtige details.
Richard is een inspirerende figuur en veel meer artiest dan de wiskundeleraar die hij geweest is. Hij heeft in Griekenland en Afghanistan gewoond en vorig jaar enkele maanden in India rondgezworven. Hij tekent en schildert ook, overal in de kamer slingeren handgebonden boeken en aquarellen rond. Ik word prompt verliefd op een ervan en koop het.
Grijnzend leert Richard ons een heel interessante theorie: money is magic. Maak je geen zorgen om geld, onverwachts duikt het op. Niet dat je in je zetel moet zitten wachten tot het als manna uit de hemel valt, maar wie creatief bezig is, krijgt af en toe een meevaller. Het bewijs hebben we net zelf geleverd, beweert hij. Hij zit eigenlijk wat kort bij kas omdat er nog geen geld is overgemaakt uit de VS, en wat gebeurt er? Onbewust van zijn geldprobleem, koop ik een van zijn aquarellen. Money is magic!

We zijn helemaal in de ban van zijn boeken en levenskunst maar na afloop van de cursus is het tijd om afscheid te nemen, Richard vertrekt terug naar huis. En zo verdwijnt onze ‘goeroe’ uit ons leven. En ook ons verblijf in de stad loopt op zijn einde.

 

Juli 2001 – juli 2008

Ondanks de belofte aan Richard en onze grootse plannen om ons eigen handgeschept papier te produceren, komen we na onze thuiskomst in 2001 al gauw weer in de Belgische mallemolen terecht. Het enige gedenkwaardige feit dat jaar is dat we in juli van dat jaar – ik hoogzwanger –  voor de geboorte van onze eerste zoon Aleksander in plaats van het traditionele geboortekaartje een handgebonden geboorteboekje maken, met de cover in eigen handgeschept papier. Pas 2 jaar later gebeurt er weer wat als Vinsent, zoon nummer 2, zich aankondigt en wij dat wereldkundig maken met opnieuw en handgebonden geboorteboekje met homemade handgeschepte cover.

Met onze zoontjes keren we nog een paar keer terug naar Mexico maar van de plannen om naar Maine te trekken om nog extra cursussen bij Richard te volgen, komt niets in huis. Inmiddels hebben we een oude drukkerij gekocht en duikt de droom van een papieratelier weer op. Maar er is te weinig tijd en te weinig budget en alles schuift op de lange baan. Het geboorteboekje voor Siemon, zoon nummer 3, wordt anno 2007 dus als vanouds in chaotische omstandigheden in de keuken geproduceerd.
Het enige wat we verder in die drukke  ’jonge-gezinjaren’ nog doen, is af en toe naar de website van Richard surfen om vast te stellen dat hij druk bezig is met allerlei indrukwekkende papierprojecten en intussen rondzwerft in Peru, Guatemala, Ecuador, Cuba en Turkije. Dat zijn website niets nieuws meer vermeldt vanaf 2008, daar staan we niet bij stil. Tenslotte wordt Richard een dagje ouder en zal hij het wel wat kalmer aan doen.

 

Juli 2012

Ons huis is nog steeds niet af maar inmiddels wel grondig verbouwd, deels geïnspireerd op Richards tijdelijke woonst in San Cristóbal de las Casas. Dirk heeft zich de afgelopen paar jaar vervolmaakt tot boekbinder en in de tuin verrijst een ‘tuinkamer’ waar we eindelijk weer papier zullen produceren. Money is  magic! Een vergeten spaarboekje leverde onverwacht de centen op.
Even onverwacht stuit Dirk al surfend op een bericht dat Richard in juli 2008 is overleden. Tot zijn 74e is hij blijven reizen, zijn laatste reis in 2007 ging naar Istanbul. Een paar maanden voor zijn dood liep er nog een grote tentoonstelling in zijn artiestenstudio. Er rest enkel spijt dat we hem nooit meer gezien of gehoord hebben. Maar in elk geval heeft hij ons, samen met vele anderen, aangestoken met de liefde voor handgeschept papier en handgebonden boeken.

 Ik ga in de resterende ingepakte dozen op zoek naar Richards aquarel om mijn nieuwe bureau te sieren en naar ons materiaal om papier te scheppen. Deze zomer schieten we écht weer in gang, Richard, beloofd!

 

Related links

Website Richard: www.leepapers.net/

In memoriam Richard Lee: www.youtube.com/watch?gl=BE&feature=related&v=8JRxcuWxULE

 

 

 

(*) (Don) James is het Mexicaanse alter ego van Dirk.

Slaapritueel

Met zijn vader wordt er volop gedold: papa bijt hem in de buik en kriebelt met zijn ‘stekels’ tot hij niet meer bij komt van het lachen (en papa wellicht ook). Bij mij verloopt het slaapritueel veel rustiger maar ook volgens een vast stramien waar niet aan te tornen valt.
Als hij (na in slow motion zijn pyama aandoen, een snoepje voor het slapengaan, tandenpoetsen, verhaaltje voorlezen, zijn zebraknuffel zoeken) eindelijk in bed ligt, praten we eerst wat over de afgelopen dag. En dan doen we de ‘ Eskimo-zoen’ (neuzeneuze). Daarna ontspint zich elke avond opnieuw het volgende gesprek met dezelfde standaardvragen en dito antwoorden.

Hij: “Wie doet dat ook alweer?”, doelend op de ‘neuzeneuze Eskimo-zoen’.
Ik: “Dat weet jij wel.
Hij “Nu niet meer”, met een glimlach van oor tot oor die zijn woorden loochent.
Ik, op fluistertoon: “De Eskimo’s”.
Hij: “Waarom praat jij heel stil?”
Ik: “Omdat de broers het niet mogen horen”.
Hij: “En papa?”
Ik: Papa wel.

Sinds een paar weken is er toch een variant gekomen. Na de zin “Waarom praat jij heel stil?” raffelt hij zelf het hele gesprek af, vraag en antwoord, woord voor woord. Daarna besluit hij met “Grappig, hé!” , barst in schaterlachen uit en slaat zijn mollige kleuterarmpjes rond mijn nek voor een stevige knuffel.
Dat is keer op keer het mooiste moment van mijn dag.

Help, ik heb geen stijl!

Of beter gezegd, ik heb te veel stijl(en). Mexicaanse stijl, tropische stijl, koloniale stijl, Barragán-stijl, seaside style, seventies, shabby chic,  strak design, brocante, … In het pas verbouwde en in te richten huis zal ik me qua stijl moeten beperken om er geen zootje van te maken. Kwestie dat het kersverse bezoek straks niet gillend wegloopt.

Ter voorbereiding begin ik aan een moodboard. Voor de noodzakelijke inspiratie en prentjes offer ik mijn jarenlang  verzamelde en gekoesterde interieurtijdmagazines op. En zo ontdek ik dat er hier en daar al in mijn kostbare tijdschriften is geknipt. Met een kartelschaar… Dat kan dus alleen door de allesverslindende Creatieve Zoon gebeurd zijn.  Maar ik kan nu nog moeilijk over dat knippen zeuren als ik zelf zit te scheuren. Bovendien biedt de Creatieve Zoon met zijn onschuldigste gezicht zijn diensten aan. Los van eventueel beperkende budgettaire of ruimtelijke overwegingen scheuren we er vrolijk op los. Vanuit mijn ooghoek zie ik dat de Creatieve Zoon  een knalrode keuken heeft geselecteerd. Dat belooft voor de stijlenmix.

Als de ruwbouw klaar is, ziet het er een stuk strakker uit dan gedacht. Dat ligt voornamelijk aan mij, ik kan me nu eenmaal niks visueel voorstellen bij zo’n architectenplan. De nieuwe ruimte bevalt me wel maar brengt me wat in de problemen met de stijl die ik na veel wikken en wegen uiteindelijk gekozen heb: de Mexicaanse (met als voordeel dat ik daar de seaside style, Barragán, brocante, de tropische én de koloniale stijl in kwijt kan …).

Ik besluit geen interieurtijdschrift noch moodboard meer aan te raken en gewoon mijn intuïtie te volgen. In eerste instantie concentreer ik me op de basisstukken die al jaren op het verlanglijstje staan: een design fornuis en dito koelkast. Niet omdat het per se design moet zijn maar ´kokeneten´ spelen is nu eenmaal onze favoriete  – en met 3 altijd hongerige zonen in huis – een noodzakelijke bezigheid. En ook daar wijken we nog van de oorspronkelijke ideeën af. Het fornuis wordt geen Aga maar een Boretti en de voorkeurkleur van de Smeg-koelkast verandert in één klap als de verkoper me meetroont naar een pompoenoranje exemplaar.” Limited Editon”, meer hoeft hij niet te zeggen. Ik ben direct verkocht en de koelkast ook. Wellicht zijn makkelijkste verkoopsgesprek ooit.

Los van elkaar koop ik wat ik mooi vind en dan is het elke keer afwachten of alles wel bij elkaar past. Of past überhaupt. Omdat de vitrinekast werd aangeschaft vóór de vloer gegoten was, past ze na levering ineens niet meer aan de ‘vitrinemuur’. Eén stuk staat nu aan de vitrinemuur en de onerkant aan een ander muur waardoor de eetkamer van plaats moest verwisselen.
Ook het bezoek doorkruist wel eens de interieurplannen. Zo kreeg ik laatst een oude megagrote landkaart van Midden-Amerika cadeau. De enige plek waar ze kon hangen was de muur  waar ik een driedelige foto van een Mexicaans woestijnlandschap had gepland. Maar een landkaart waar Mexico prominent op afgebeeld staat, is uiteraard een betere optie. De kleuren van de kaart passen trouwens wonderwel bij de knaloranje sofa en de chocoladebruine vloer.

Bon, je moet zelf maar ’s komen kijken. Overigens is de inrichting nog niet af. Door de design uitspattingen is het budget namelijk sneller opgesoupeerd dan verwacht. En door het mooie weer concentreren we ons momenteel op de inrichting van de tuin. In navolging van het interieur krijgt die dezelfde stijl. Die kan ik na enkele maanden praktijkervaring inmiddels definitief benoemen! In 2 woorden zelfs: strak Mexicaans. Het beleefde bezoek zie ik in het beste geval denken: ‘eclectisch’….

In zwijm

Neen, ik ben echt niet het soort moeder dat openlijk gaat verkondigen dat haar kroost de mooiste, slimste, leukste ter wereld is – hoewel ik daar heimelijk uiteraard wel van overtuigd ben. Maar het effect dat mijn jongste op de buitenwereld heeft – en dan vooral het vrouwelijke deel – valt gewoonweg niet meer te ontkennen. Het zijn zijn ogen die het hem doen: ze zijn groot, chocoladebruin en zitten onder een stel lange wimpers. Denk daarbij stroblond haar en een hartveroverende glimlach en je krijgt al enig zicht op deze kleine charmeur.

Oké, ik ga niet helemaal vrijuit. Ik ben me terdege bewust van het versterkende effect van hippe sportschoenen, een stoere jeans, een dito leren vestje en een lik gel in het haar. He has the look, in beide opzichten.

Het begint al ’s ochtends op weg naar school. S. is een vleugje instant zonneschijn dat de tram op stapt. Zijn slachtoffers vallen binnen de vijf minuten. Schoolmeisjes uiten openlijk hun bewondering, moeders krijgen een vertederde glimlach om de mond en oma’s geven hem steevast een aai over de bol.

Op school aangekomen valt er elke dag wel een moeder of juf nagenoeg in zwijm zodra S. zijn charmes bovenhaalt. Zijn donkerbruine ogen in combinatie met zijn aanstekelijk lachje: altijd prijs. Op weg naar de klas wordt hij meestal omstuwd door enkele oudere meisjes tot N., zijn klasvriendinnetje, hem onverbiddellijk komt opeisen. Tijdens onze vakantie in Mexico afgelopen zomer was het nog een stadium erger en werd hij nagenoeg aanbeden. En hij is nog maar drie!

De oorsprong van de onweerstaanbare charme van S. is een raadsel maar zijn ogen heeft hij ontegensprekelijk van zijn vader. Die zijn even onweerstaanbaar bruin maar zitten verstopt achter een bril. Gelukkig maar, want ik zou het gekende effect van die chocoladebruine ogen bij tienermeisjes en andere moeders maar matig kunnen appreciëren.